Springen zonder zorgen: enkele belangrijke voorzorgsmaatregelen

​Na het tragische ongeval met een springkasteel tijdens een jeugdtornooi in Hamme, waarbij een springkasteel door een windhoos werd opgetild en een kind om het leven kwam, zetten we opnieuw even de puntjes op de i wat betreft de veiligheid van springkastelen. Uit eerdere controles van de FOD Economie blijkt immers dat bij de plaatsing van springkastelen op evenementen niet altijd wordt voldaan aan de veiligheidsvoorschriften.

​​Verhuurders van springkastelen moeten ervoor zorgen dat hun opblaasbare structuren veilig en goed onderhouden zijn. Bij plaatsing op een evenemententerrein valt dit onder hun dienstverlening en moet dit veilig gebeuren. Onduidelijkheden over verantwoordelijkheden tussen verhuurder en huurder moeten in een contract worden vastgelegd.

​Het spreekt voor zich dat springkastelen altijd veilig opgesteld moeten worden. Dat is de verantwoordelijkheid van de organisator. Die moet daartoe de nodige maatregelen nemen. De organisator van het evenement is altijd verantwoordelijk voor het aanbieden van een veilige dienst. Een bordje met ‘gebruik op eigen risico’ kan dus niet.

De belangrijkste maatregelen om de veiligheid van springkastelen te garanderen zetten we graag even op een rijtje:

  • Het springkasteel goed vastmaken: Staat het springkasteel buiten? Dan moet het stevig verankerd zijn aan de ondergrond zodat het niet kan verschuiven of omvallen door hevig springen of de wind. Denk bijvoorbeeld aan stevige grondankers met lange pinnen speciaal voor springkastelen of zandzakken van minstens 25 kg per verankeringspunt waarmee je het springkasteel stevig vast kan zetten.
  • Valmatten plaatsen: Op plaatsen waar kinderen uit het springkasteel kunnen vallen, moet een schokdempende ondergrond voorzien zijn. Als het kasteel op een harde ondergrond (steen, asfalt, beton) staat, moeten er dus valmatten rondom geplaatst worden om ernstige verwondingen bij een val te voorkomen. Bij gras is dat niet nodig. De valmatten moeten geplaatst worden voor de open zijde of zelfs helemaal rond het springkasteel als er geen dak is.
  • Voldoende valruimte voorzien: Om te vermijden dan een kind op een obstakel zou vallen, moet je voor voldoende valruimte zorgen rond het springkasteel. Plaats dus geen tafels, stoelen of andere obstakels rond het springkasteel.
  • Volwassen begeleiding voorzien: Onbewaakte springkastelen zijn niet toegestaan. ​Er moet dus altijd toezicht zijn door volwassenen om de veiligheid van de kinderen te garanderen. Zonder toezicht mogen kinderen niet op het springkasteel.
  • De blazer buiten bereik van kinderen houden: De blazer van het springkasteel moet altijd goed afgeschermd zijn van het publiek zodat kinderen er niet aan kunnen. De luchttoevoerapparatuur moet veilig geplaatst worden om risico’s op verwondingen of elektrocutie te vermijden.
  • Het springkasteel aflaten bij onweer: Haal de kinderen van het springkasteel en laat het springkasteel af als er onweer op komst is of als het weer omslaat.

Gebeurt er ondanks deze veiligheidsmaatregelen toch een ongeval of een ernstig incident, dan zijn organisatoren verplicht om dit te melden bij het Centraal Meldpunt voor Producten van de FOD Economie.

​​​​Als organisator ben je altijd verantwoordelijk voor het aanbieden van een veilige dienst. Dat geldt ook voor een springkasteel op je evenement. Zorg er dus voor dat je je houdt aan de veiligheidsvoorschriften. Zo wordt de kans kleiner op ongevallen waarvoor je aansprakelijk gesteld kunt worden.


​Photo by Benjamin Brunner on Unsplash