Nieuwe Europese consumentenregels helder uitgelegd

Vanaf 27 september 2026 gelden nieuwe regels en informatieverplichtingen voor ondernemingen die producten of diensten aan consumenten aanbieden. Ze gelden voor alle ondernemingen, ongeacht hun grootte, en ook voor online verkoop.

De regels komen voort uit de EmpCo-richtlijn (Empowering Consumers for the Green Transition, Richtlijn (EU) 2024/825). Europa wilt op deze manier de consumentenbescherming in de groene transitie versterken. De richtlijn scherpt de bestaande regels over oneerlijke handelspraktijken en consumentenrechten aan. Zo komen er strengere eisen voor duurzaamheidsclaims en duurzaamheidslabels, maar ook nieuwe informatieverplichtingen over onder meer de garantie en herstelbaarheid van producten.

Hieronder worden de belangrijkste wijzigingen en aandachtspunten uit de UNIZO-Snelwijzer over deze nieuwe Europese regels samenvat.

Nieuwe informatie over garantie en producten

Vanaf 27 september moet je als eindverkoper consumenten op een duidelijke en zichtbare manier herinneren aan hun wettelijke garantieperiode van twee jaar. Dit is de periode waarin je als ondernemer aansprakelijk bent voor conformiteitsgebreken. In geval van een gebrek heeft de consument, onder de wettelijke voorwaarden, recht op een kosteloze herstelling of vervanging en, wanneer die oplossingen niet mogelijk of passend zijn, op een prijsvermindering of terugbetaling.

Een producent kan daarnaast vrijwillig een commerciële garantie geven. Biedt de producent een garantie zonder bijkomende kosten; die het volledige product dekt en die langer dan twee jaar duurt, dan moet het geharmoniseerde EU GARAN-label worden gebruikt wanneer de producent deze informatie aan de verkoper ter beschikking stelt.

Voor bepaalde producten moet je de consument vóór de aankoop extra informatie geven over software-updates, repareerbaarheid en reparatie. Je bent daarbij als eindverkoper opnieuw afhankelijk van de informatie die je van de producent of leverancier krijgt.

Anti-greenwashing

Vanaf 27 september worden generieke milieuclaims strenger aangepakt. Denk aan de termen milieuvriendelijk, groen, eco, duurzaam, klimaatvriendelijk of biologisch afbreekbaar. Een dergelijke algemene claim is verboden wanneer je niet kunt aantonen dat er sprake is van erkende voortreffelijke milieuprestaties die relevant zijn voor de claim. De Commissie verwijst hiervoor onder meer het EU Ecolabel en bepaalde officieel erkende type I-ecolabels als mogelijke basis.

Een milieuclaim hoeft niet altijd uit woorden te bestaan. Ook verpakkingen, symbolen, kleuren, logo’s en afbeeldingen zoals groene bladeren, waterdruppels of natuurfoto’s kunnen in bepaalde omstandigheden bij de consument de indruk wekken dat een product milieuvriendelijker is. De beoordeling hangt af van de volledige presentatie en van wat en van wat een gemiddelde consument daaruit begrijpt.

Een duurzaamheidskeurmerk mag niet zelf worden bedacht. Een duurzaamheidslabel moet gebaseerd zijn op een certificeringsregeling die aan de wettelijke voorwaarden voldoet, of door een publieke autoriteit zijn ingesteld. De certificeringsregeling moet onder meer transparant en openbaar zijn en voorzien in objectieve controle door een onafhankelijke derde. De criteria van het label moeten ontwikkeld worden in overleg met experts en stakeholders.

Een claim zoals “klimaatneutraal” of “CO2-neutraal” is ook niet zomaar toegelaten. Een product mag niet worden voorgesteld als klimaatneutraal of als een product met een verminderde of positieve klimaatimpact wanneer dit gebaseerd is op compensatie van broeikasgasemissies. Ook boodschappen zoals: “Wij zijn klimaatneutraal tegen 2030.” kunnen niet gewoon een marketingbelofte zijn.

Als ondernemer moet je ook aan de overheid een onderbouwing van claims kunnen geven. Het is dan ook sterk aanbevolen om de documenten te bewaren waarop de claims zijn gebaseerd, bijvoorbeeld certificaten, technische gegevens, berekeningen, rapporten of informatie van jouw leverancier.

Geen misleidende informatie

De nieuwe regels pakken ook bepaalde vormen van vroegtijdige veroudering aan. Zo mag je niet verzwijgen dat een software-update de werking van een product vermindert, een update die alleen nieuwe functionaliteiten toevoegt niet als noodzakelijk voorstellen, consumenten niet aanzetten om verbruiksgoederen vroeger te vervangen dan technisch noodzakelijk en een product niet ten onrechte als uitzonderlijk duurzaam of herstelbaar voorstellen.

Overgangsperiode

De sancties zijn niet van toepassing op goederen die vóór 27 september 2026 worden geproduceerd, verpakt of op de markt gebracht. Deze overgangsmaatregel zal zes maanden na de inwerkingtreding van de wet niet langer van kracht zijn. Producten geproduceerd na 27 september 2026 dienen aan alles te voldoen.


Foto: UNIZO